Categorie archief: Marketing

Wat betekent AMP voor responsive design

De komst van AMP heeft zichtbare impact op een groot aantal websites. Dit project, geïnitieerd door Google zorgt voor een verbeterde lees-ervaring op websites die Google keurt als ‘niet goed leesbaar op mobiel’.

In de praktijk betekent dit dat je in je Chrome browser (standaard meegeleverd op alle moderne Android apparaten) onderin een melding krijgt waarmee je een leesbare versie van de website kunt bekijken. Wanneer je dit doet dan haalt AMP de belangrijkste content (titels & paragrafen) tevoorschijn zodat deze beter leesbaar worden. Ook laat het een heleboel stijl-elementen weg. En nog belangrijker voor media-uitgevers: ook de banners worden hiermee niet gespaard.

Dit is problematisch voor media-uitgevers die drijven op advertentie-inkomsten. AMP pagina’s tonen namelijk alleen de content, en geen video’s met pre-rolls.

Daarom is het essentieel dat je de gebruiker een mobiele ervaring biedt. Dit kan door responsive design toe te passen: een techniek waarbij alle schermresoluties een goede weergave geven van de website. Dit is niet iets dat een frontend developer voor een weekje voor je oplost in een sprint: het responsive maken van een grote website is een behoorlijk grote klus. Niet alleen wil je optimaliseren voor het kleinste (mobiele) formaat: ook alle tussenmaten zoals grote smartphones en tablets moeten een eigen weergave krijgen. Hiermee voorkom je dat Google (en AMP) zelf het heft in handen nemen op jouw pagina. Een ‘eigen’ geoptimaliseerde weergave van je pagina kan er zodoende voor zorgen dat je zelf in controle blijft over wat er wél en niet zichtbaar is.

Via de Google Search Console biedt Google ondersteuning. Hier kun je eenvoudig testen of Google jouw pagina mobiel-vriendelijk vindt. Hiermee voorkom je dat Google AMP pagina’s gaat tonen die wellicht essentiële zaken in jouw content weglaten.

Vergeet hierbij niet dat je de gehele user-experience mobiel moet maken. Vaak zie ik op websites nog steeds allerlei mobiel-onvriendelijke maatregelen, zoals enquetes in de vorm van popups die niet weg te klikken zijn, of cookiemeldingen die hinderlijk in het beeld blijven hangen. Nodeloos om te zeggen dat dit niet alleen irritant is voor je bezoeker: je verliest er ook belangrijke conversie mee op de pagina. Google geeft uiteindelijk steeds meer gewicht aan pagina’s die goed werken op mobiel, en houdt ook bij of de gebruikers van jouw website wegklikken. Is dit het geval, dan toont Google jouw pagina in vervolg minder hoog, hoe goed je je SEO ook voor elkaar hebt.

Mapart of: Hoe ik binnen drie dagen een echt product kreeg

mapartOngeveer anderhalf jaar geleden waren er een soort kettingbrieven die op Twitter werden verspreid, met wisselend succes. Ik schreef er al eens eerder een blogje over. Het was van mensen die iets zeiden als: X gelooft niet in de kracht van Twitter, retweet dit en X maakt X bedrag over’. Trijntje Oosterhuis overkwam het met een oproep waarbij ze een euro per like over zou maken, en gek genoeg vond ik mezelf ook ooit in een positie waarbij ik een offerte aan het maken was voor een social-campagne voor een goed doel dat de werking van retweeten en/of liken gebruikte om aandacht te vragen én geld op te halen. Is overigens nooit doorgegaan.

Ik kwam iets leuks tegen op Twitter, namelijk een mooie kaart van Amsterdam. Daar plaatste ik een tweet over met daarin een vraag:

Vervolgens reageerden daar een behoorlijk aantal mensen op, waaronder een aantal designers en een aantal mensen die ook wel zoiets wou. Eén van die designers, Patrick Loonstra ging er serieus mee aan de slag. Hij vroeg wat details uit, en begon. Een paar dagen later stuurde ie mij een link. Hij was klaar: het product kon besteld worden. Dat vind ik dus de kracht van Twitter, of social. Mensen brengen elkaar op ideeen en die samen uit. Inmiddels heb ik het product binnen, en ik moet zeggen: hij ziet er werkelijk fantastisch uit.

Wil je er ook eentje? Bestel m dan snel op de website van Patrick.

Liefde voor online

Ik registreerde me deze week voor 3DHubs: een website waar je lokaal iemand kunt vinden die jouw 3D ontwerp uitprint.

En toen viel me iets op: de website zelf. Hij is zo simpel, zo gelikt en toch ook zo goed doordacht: eigenlijk alles klopt: het design, de interface en het hele gebruiksgemak. Alles ademt functionaliteit.

Het nieuwe logo van AirBnB is meegekomen met een redesign van de website. En die is prachtig. De website was altijd al een toonbeeld van functionaliteit, maar daar is nu ook nog eens een flinke hoeveelheid stijl aan toegevoegd: wat een mooie, handige en functionele website. Je ziet dat in deze websites een diepe liefde zit: liefde voor de klant, en liefde voor het functionele. Dat klinkt klef, maar deze bedrijven snappen dat alleen een prettige gebruikservaring ook succesvol wordt.

Maar vooral: wat een enorm gat hebben deze startups geslagen met de gevestigde orde. Ik hoop ooit op een website in te loggen van mijn eigen verzekeraar waar ik niet in vreemde situaties terecht kom door te kleine invoervelden, of formulieren die niet meewerken. Of desnoods die van een overheid: iets waar ik niet vijf keer hoef te klikken om in te loggen, zoals op de OV chipkaart website, of de website van de NS of T-mobile (kleine edit: ik vind de T-Mobile website sinds kort weer een stuk beter).

Waarom slagen die grote bedrijven er toch zo slecht in dit helemaal op orde te krijgen? Je zou denken: lekker budget: huur een goed bureau in, en ontwerp die shit op zo’n manier dat het ook écht lekker werkt. Ik neem toch ook aan dat er mensen werken die soms zelf op hun diensten inloggen? En er dan achter komen dat hun website volstrekt idioot is?

Ik ken iemand die voor een nieuwe interface van een tool die hij aan het bouwen is door allerlei vreemde user-interface hoepels moet springen voor z’n klant. En toen snapte ik het: die vervelende interfaces zijn niet bedacht voor visuele of interactie- ontwerpers: ze zijn gemaakt door de bouwpartij, die voor de snelste oplossing ging.

Andere reden: veel grote bedrijven zeggen last te hebben van legacy systemen. Dit zijn verouderde systemen die desondanks nog prima draaien. Die legacy systemen zijn echter lastig in onderhoud, en passen soms – vaak – niet meer lekker in de nieuwe plannen. Ze zijn bijvoorbeeld geschreven in een programmeertaal die niemand meer kent, of de programma’s hebben geen geschreven documentatie. Gek genoeg was niet alles slecht aan ze, zoals ik al zei: de meeste van deze systemen draaien vrolijk door, en dat is ook de reden dat het bedrijf ze nooit uit heeft gezet. Sterker nog: de afgelopen jaren heeft klaarblijkelijk niemand de moeite of het budget genomen om die systemen te vernieuwen. Dit soort kapitale IT blunders zullen we in de toekomst minder gaan zien: startups kiezen vaak verse, en nieuwe technologie, en worden niet gehinderd door geesten uit het verleden. Startups worden soms weer ingehaald door geesten uit de toekomst, maar daar vertel ik later wel weer eens over.